Liefdesverdriet

chateau anand 4Wat is de overeenkomst tussen een kind, een verliefde en een verlichte? Alle drie zijn ze in contact met de magie van het leven. Een kind kan het nog niet zo goed verwoorden, maar zijn verrukking straalt van alle kanten van hem af. De verlichte spreekt over Het Grote Mysterie, de immense vreugde van in het hier en nu zijn. Alleen bij de verliefde is het object van adoratie en inspiratie exclusief. De verrukking geldt de partner en niet het leven zelf. Dat is zowel de schoonheid als de angel, de vloek van de romantische liefde.

Liefde is niet logisch. Er zijn zoveel mensen om van te houden, waarom lijden we dan zo diep wanneer we die Ene kwijt raken? Ooit besloot ik na het verbreken van mijn zoveelste relatie een lange reis te maken om mijn verdriet te verwerken. Ik ging een paar maanden naar Kathmandu en dompelde me onder in de sjamanistische rituelen van die eeuwenoude stad. Zo kwam ik terecht bij Lhamu, een Tibetaanse genezeres die in trance genezingen uitvoerde. Mensen van heinde en ver kwamen naar Bodhanath, de boeddhistische wijk, om haar seances bij te wonen. Ik had geluk dat ik een plekje kon bemachtigen in de lange rij van mensen die geheeld wilden worden. Toen ik eenmaal voor haar zat begon ze te lachen. Ze gaf me een harde klap op mijn hoofd, duwde me opzij en riep: ‘Met jou is niks aan de hand!’ Dat was het.

Jaren later vond ik veel dichter bij huis, gewoon in Amsterdam, een Tolteekse leraar die bereid was om het me het geheim van de liefde uit te leggen. Als eerste tekende hij het Yin Yang symbool op de achterkant van een bierviltje, die overbekende cirkel met de sierlijk gebogen lijn in het midden. ‘Wat stelt dit voor?’, vroeg hij. ‘Oh, dat is gemakkelijk’, zei ik zelfverzekerd. ‘Dit ben ik, en dat is mijn partner. Samen vormen we een geheel.’ Hij schudde meewarig zijn hoofd. ‘Dat is het grootste misverstand in deze cultuur’, zei hij. ‘Het idee dat je partner je compleet kan maken. Kijk opnieuw.’ Hij wees naar een van de punten. ‘Dát is je partner. Je partner is niet meer of minder dan een punt in je werkelijkheid, een sleutelgat. Het is een poort naar je complementaire zelf: je Dubbel.’

‘Mijn wát?’ zei ik oneerbiedig. Ik had nog nooit van de Dubbel gehoord. Hij ging onverstoorbaar door: ‘Je wederhelft, je tweelingziel, je ‘soulmate’ voor mijn part. Je zoekt jezelf in je partner. En als hij dat niet blijkt te zijn ben je teleurgesteld en wrokkig, terwijl jij het zelf was die de vergissing maakte.’ Ik zweeg, maar voelde me enigszins betrapt. ‘Jij bent een vrouw’, vervolgde hij. ‘Je lichaam vertegenwoordigt maar de helft van wie je bent. Je andere helft is mannelijk en onstoffelijk. Vrouwelijk, mannelijk. Stoffelijk, onstoffelijk. Snap je? Jullie maken allemaal dezelfde vergissing: jullie negeren de onstoffelijke dimensie van de werkelijkheid. Je ziet overal dualiteit, maar je vraagt je niet af waarom dat zo is. In plaats daarvan projecteer je het onstoffelijke gedeelte van jezelf op een ander mens. Je denkt dat je compleet wordt door seks, door een relatie met een ander lichaam, maar in werkelijkheid is je partner alleen maar een reminder. Verliefdheid en liefdesverdriet zijn twee kanten van dezelfde medaille. Ze brengen je allebei in contact met je Dubbel. Even wordt een tip van de sluier opgelicht en vang je een glimp op van wat het betekent om heel te zijn. De partner is een projectie, de Dubbel is echt.’

‘Ik snap het niet’, zei ik. ‘Mag ik dan nooit meer een relatie hebben?’ Mijn leraar glimlachte. ‘Natuurlijk wel’, zei hij. ‘Verliefdheid en liefdesverdriet zijn heel behulpzaam bij het vinden van je Dubbel. De magie van verliefdheid en de pijn van liefdesverdriet brengen je in contact met dat waar je het meest van alles naar verlangt: een hereniging met dat onstoffelijke, polaire gedeelte van jezelf. De relatie wordt pas een probleem als je je partner niet langer ziet als een verwijzing naar de Dubbel, maar wanneer je hem gaat zien als de Dubbel zelf. Je partner is de sleutel, je Dubbel is de schat. Verwar niet de sleutel met de schat zelf, schat. Je moet de sleutel gebruiken, niet inlijsten.’

Ik zuchtte. Hij grinnikte en vervolgde: ‘Als kind ben je in verrukking over het leven omdat je nog steeds in contact bent met de onstoffelijke wereld, en daarmee met je Dubbel. Pas als je volwassen wordt verlies je dat contact en ga je dat onbestemde verlangen ervaren, die drang om op zoek te gaan. Zoals de meeste mensen in deze wereld maak je vanaf de pubertijd de cruciale vergissing om op zoek te gaan naar ‘De Ware’ in de vorm van een andere persoon. Zolang je verliefd bent voel je je gelukkig en compleet, alsof je verenigd bent met je Dubbel. Maar zo gauw de verliefdheid afneemt keert de onvrede terug en voel je je bedrogen. Op dat moment kun je kiezen voor het compromis: het in stand houden van het idee dat je relatie je gelukkig moet maken, desnoods door te doen alsof en alle andere signalen te ontkennen, of je kiest voor het echte werk: het doorzien van de illusie. In het eerste geval is dat het einde van je zoektocht, in het tweede geval brengt de pijn je terug bij de oorspronkelijke bron van je verlangen: de Dubbel. Natuurlijk kun je ook met behoud van je relatie op zoek gaan naar de Dubbel, zolang je de twee maar niet door elkaar haalt.

Doorgaans hebben we het in relatie tot het Yin Yang symbool over licht en donker, mannelijk en vrouwelijk, dag en nacht, maar in essentie vertegenwoordigt dit symbool leven en dood. De reden dat het niet in ons opkomt dat er een onstoffelijke versie van onszelf bestaat is omdat we onterecht geloven dat er niets is ‘aan de andere kant’. Wij vrezen de dood in die mate dat we zelfs de gedachte eraan ontkennen. Uit angst voor dat wat we zien als het verliezen van alles wat ons lief is, inclusief onszelf, klampen we ons vast aan het leven en proberen we zo weinig mogelijk na te denken over de dood. De dood hangt als een donkere wolk boven ons hoofd, we kunnen hem ruiken als een naderend onweer, hij is de grote constante in ons leven, maar we negeren zijn aanwezigheid en zorgen ervoor dat we het altijd druk hebben, zodat we hem kunnen blijven vergeten. Onze ontreddering en oprechte verbijstering wanneer er iemand sterft weerspiegelt hoe succesvol we in onze cultuur de dood ontkennen.

Wat is de dood? De dood is die sierlijke gebogen lijn, de grens tussen de stoffelijke en de onstoffelijke wereld. Verliefdheid en liefdesverdriet brengen ons even in contact met de andere kant, met de onstoffelijke dimensie van de werkelijkheid. Daar vertoeft de Dubbel, of je je daar nou bewust van bent of niet. Je kunt sterven van vreugde en sterven van verdriet. Op zulke intense momenten omarm je de dood en herenig je je met de Dubbel. Verlichting betekent dat dit besef blijvend is, verliefdheid betekent dat dit besef kortstondig is. Dat is het enige verschil.’

Een goede leraar helpt je om de grenzen van de werkelijkheid op te rekken. Bepaalde kennis schuurt langs de randen van je bewustzijn, irriteert je, totdat je het uiteindelijk kunt vastpakken en bestendigen. Bij mij is dat het geval bij de Dubbel. Soms herinner ik me alleen het verlangen, maar weet ik niet meer waarnaar.

Een gedachte over “Liefdesverdriet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s