Met het verhaal dat volgt, wil ik geenszins zeggen dat watervasten niet goed is! Ik kan me me heel goed voorstellen dat watervasten gezond en helend is – daarom ging ik het doen! – alleen bij mij ging het compleet mis. Ik dacht een mooie reeks van artikelen over watervasten te kunnen schrijven, met als kers op de taart de genezing van mijn staar, maar de reeks wordt heel kort, want ik crashte volledig op dag 3. Dit is dus alweer het laatste deel en behalve anderhalve liter gal ben ik niks kwijt. Nou ja, dat is ook wat.
Nou, wat gebeurde? Ik ging dus vasten. Watervasten, jippie! Dag 1 en 2 ging van een leien dakje. Ik schreef er een enthousiast stuk over, maar op dag 3 werd ik misselijk wakker en dat hield de hele dag aan. ‘s Middags moest ik overgeven. Water en bruine gal. Oh well, hoort erbij, dacht ik optimistisch, zalig onwetend over wat me nog te wachten stond. Aan het eind van de middag herhaalde het kotsen zich nog een keer en om een uur of acht weer. De frequentie nam langzaam toe, totdat ik ieder half uur en daarna ieder kwartier moest overgeven. Er kwam nauwelijks iets uit, alleen een donkerbruine vloeistof die vreselijk brandde in mijn keel. Het ging maar door. Ik dacht dat ik wel wat gewend was met ayahuasca, maar dit was compleet anders. Tijdens een ayahuascaceremonie gaf ik 1, soms 2 keer over – kort maar krachtig, en dat was het dan. Dan kon ik door. Maar hier kwam geen einde aan.
Halverwege de nacht sloeg m’n mind helemaal op hol van de pijn en de uitputting. Ik herkende flarden uit films die ik gezien had (vooral Poor things – subliem, maar hoe creepy en duister tegelijkertijd, en Saltburn, over verborgen psychopathie, perverse rijkdom en verknipte persoonlijkheden … die onheilspellende gezichtsuitdrukkingen van Barry Keoghan, ze achtervolgden me), vermengd met nare momenten uit mijn eigen leven, nare mensen, pijnlijke herinneringen, oorlog, ziekte, de afgelopen jaren – alle ontwrichting overal toonde zich als een wanstaltige soep en ik voelde me volledig verloren. Ik probeerde er wanhopig een sluitend verhaal van te maken, iets om deze ellende betekenis te geven, maar het had geen zin. Het was teveel. Ik had het gevoel dat ik uit elkaar getrokken werd, in duizend stukjes.
Ondertussen ging het braken gewoon door. Het ging steeds meer pijn doen, omdat de branderige substantie mijn slokdarm aantastte. Ik dacht serieus: doodgaan is nu misschien niet eens de slechtste optie. Toen kwamen er in mijn gezichtsveld een paar hele mooie letters aandrijven. Of eigenlijk waren het drie woorden, solide opgebouwd, in mooie aardetinten. Ze leken in hout gebeiteld. BE. HERE.NOW. Het was alsof ik drie reddingsboeien toegeworpen kreeg. Okay, be here now. Nu was vreselijk, maar dat wat oké als ik er verder niks mee hoefde. Zo kwam ik door de nacht, zittend op mijn bed, met mijn armen om mijn kotsemmer heen. Toen het langzaam licht werd, wat me ergens goed deed, besefte ik dat ik al 24 uur niks gedronken had. Dat lijkt me niet goed, dacht ik, dus met heldenmoed ging ik water drinken, wat vreselijk pijn deed en er meteen weer uitkwam, maar het maakte het kotsen wel makkelijker.
Ik was kapot toen het braken eindelijk stopte en heb eigenlijk geen recollectie van de rest van die dag – dag 4 – en de daaropvolgende nacht. Alleen maar geslapen. De volgende ochtend – dag 5 – werd ik wakker, alleen maar om te ontdekken dat ieder slokje dat ik nam vreselijk pijn deed. Mijn maagklep leek niet meer te werken, want ik had continu ongelooflijk pijnlijke acid refluxen. Ja fuck, wat nu? dacht ik. Hoe kan ik nu aansterken als ik niet kan drinken? Uiteindelijk lukte het met kleine slokjes appelsap vermengd met water, maar ondertussen voelde ik me 80. Ik was zo verzwakt dat ik bijna niet kon lopen. Zo voelt het dus als je echt depleted bent, dacht ik. Ik was continu bang dat het kotsen terug zou komen. Een lijnzaaddrankje van 1 eetlepel lijnzaad, gekookt in een half steelpannetje water, afgekoeld en gezeefd, hielp om mijn slokdarm te coaten. Heel langzaam zakte de pijn, kalmeerde mijn hart en gingen de hartkloppingen liggen. Die had ik ook vanaf dag 1, trouwens.
Nu is het dag 9. Ik heb 5 dagen gewatervast en 4 dagen gesapvast. Ik heb een week mijn bril niet op gehad, mijn telefoon nauwelijks gebruikt, mijn laptop niet geopend en mijn erf niet verlaten. Dat is wel echt een unicum, maar ik heb nog steeds staar. Mijn slokdarm is weer zo goed als helemaal hersteld. Als mijn lichaam dat in drie dagen kan, waarom doet ze dat dan niet ook even voor mijn oog? Ik vroeg het haar, maar ze gaf geen antwoord. Ik begrijp nog steeds niet exact wat er nou precies gebeurd is. Ik denk dat ik te overmoedig was. Dat doe ik wel eventjes, dacht ik, maar twee weken eerder was ik ziek geweest – iets wat ik zelf helemaal vergeten was, maar waar mijn zoon me fijntjes aan herinnerde: “Mam, je hebt twee weken lopen hoesten”. Oh ja. Ik was dus niet echt in goede conditie. Misschien was ik te verzwakt, zonder het door te hebben. Misschien heb ik niet goed afgebouwd, door de geplande week sapvasten gewoon over te slaan. Hoe dan ook, er is een ding wat zeker is: ik ga voorlopig níet meer watervasten! No way! Ik ga rijk, voedzaam eten eten. Genoeg spartaans geleefd. Tijdens die vreselijke nacht en de dagen erna had ik letterlijk visioenen van Tom Kha soep, Thaise kokossoep met vis en garnalen. Werkelijk waar, ik snakte naar Tom Kha. Ik, die al veertig jaar vegetariër is en een vies gezicht trekt bij alleen het woord garnalen, kon nu aan niets anders denken.
Dus, vandaag heb ik voor het eerst van mijn leven zelf Tom Kha soep gemaakt, met diepzeegarnalen uit Ijsland. Heel raar, als je dat nog nooit eerder gedaan hebt in je leven. Toen ik het eerste hapje nam, kreeg ik tranen in mijn ogen van geluk, zo verrukkelijk vond ik het. Ja, dat had ik nodig. Waarom? Geen idee, maar het was een schot in de roos. Wat een zaligheid.
Dus wat heeft het watervasten me opgeleverd? Vooral verwarring, eigenlijk. Wat is het perfecte dieet? Ik weet het nu nog minder zeker, maar Tom Kha hou ik erin!
Sanne Burger
sanneburger.com




0 reacties